Fokkerij - Elevage
FOKREGLEMENT EURASIER CLUB BELGIË ( E.C.B. )
A. DOELSTELLING :
Dit fokreglement is gericht op het instandhouden, bewaken en bevorderen van de gezondheid, het karakter en het welzijn, evenals van de rastypische eigenschappen van het ras Eurasier (FCI Standaard Nr. 291).
B. FOKDIEREN :
1. Algemeen :
a. Fokdieren dienen in het bezit te zijn van een door het FCI erkende stamboom.
b. Beide ouderdieren dienen over een goede gezondheid te beschikken, zowel lichamelijk als mentaal.
c. Een combinatie, waarbij gemeenschappelijke voorouders van het te fokken nest eerder dan in de vierde generatie voorkomen, is niet toegestaan.
d. De combinatie van dezelfde reu en teef (dezelfde oudercombinatie) is slechts éénmaal toegestaan.
e. De minimum leeftijd wordt bepaald door het medisch onderzoek, wat na de leeftijd van 18 maanden dient plaats te vinden.
f. Honden die lijden aan erfelijke afwijkingen komen niet in aanmerking voor een foktoestemming.
g. Voorts mag niet worden gefokt met honden die lijden aan zware aangeboren gebitsfouten, knikstaart en verkorte staart, sterk pigment verlies, epilepsie, aan afwijkingen van de schildklier, aan afwijkingen van de pancreas of aan één- of tweezijdige cryptorchidie.
h. Ook op grond van nakomelingeninformatie kunnen honden uit de fok gehaald worden.
2. Exterieur :
a. Beide ouderdieren dienen in het algemeen aan de voor het ras geldende rasstandaard te voldoen.
b. Zij dienen tenminste tweemaal op een door de KMSH en/of de FCI gereglementeerde expositie, minimaal de kwalificatie Zeer Goed te behalen. Dit dient te gebeuren onder twee verschillende door de KMSH en/of de FCI voor het ras Eurasier erkende keurmeesters.
c. En op een door de E.C.B. georganiseerde aankeuring minimaal de kwalificatie Zeer Goed te behalen.
d. De goedkeuring kan steeds ingetrokken worden, indien na deze aankeuring fokuitsluitende fouten zouden ontstaan of ontdekt worden, de eigenaar is verplicht deze zo snel mogelijk te melden.
3. Medisch :
a. Heupdysplasie (HD)
1. Beide ouderdieren dienen vóór de dekking te zijn onderzocht op het voorkomen van heupdysplasie. Dit onderzoek mag uitsluitend geschieden vanaf de dag dat de desbetreffende hond 18 maanden oud is.
De beoordeling moet zijn gebeurd door een door de KMSH / FCI erkende instantie.
2. Tussen honden met de FCI-beoordeling HD A en HD B mag elke willekeurige oudercombinatie worden gevormd.
3. Honden met de FCI-beoordeling HD C of HD D of HD E mogen niet voor de fokkerij worden gebruikt.
4. Waar gebruik wordt gemaakt van in het buitenland geregistreerde reuen gelden bovenstaande regels. Voor landen waar geen officiële commissie bestaat, dient de eigenaar de foto’s met het protocol voor te leggen, met de mogelijkheid voor een “second opinion“.
b. Patella Luxatie (PL)
1. Beide ouderdieren dienen vóór de dekking te zijn onderzocht op het voorkomen van Patella Luxatie. Dit onderzoek mag uitsluitend geschieden vanaf de dag dat de desbetreffende hond 18 maanden oud is.
2. Honden met Patella Luxatie, dan wel in het verleden hiervoor geopereerd, mogen niet deelnemen aan de fokkerij.
3. Waar gebruik wordt gemaakt van in het buitenland geregistreerde reuen gelden bovenstaande regels.
c. Oogonderzoek
1. Beide ouderdieren dienen te zijn onderzocht op het voorkomen van erfelijke oogafwijkingen.
Dit onderzoek mag uitsluitend geschieden vanaf de dag dat de desbetreffende hond 18 maanden oud is.
2. Dit volledige oogonderzoek dient te gebeuren door dierenoogartsen.
3. Tussen honden die vrij zijn van oogafwijkingen mag elke willekeurige oudercombinatie worden gevormd.
4. Honden die aan een lichte vorm van Distichiasis lijden mogen uitsluitend worden gepaard met honden die vrij zijn van deze afwijking.
5. Honden die niet vrij zijn van de andere oogafwijkingen waarop wordt onderzocht, worden uitgesloten van de fokkerij.
6. Waar gebruik wordt gemaakt van in het buitenland geregistreerde reuen gelden bovenstaande regels.
4. Gedrag :
a. Beide ouderdieren moeten voldoen aan de karaktereisen en het gedrag zoals in de rasstandaard is aangegeven.
b. Met dieren die lijden aan agressiviteit en met dieren die bang of nerveus zijn mag niet worden gefokt.
5. Teven :
a. Een teef mag maximum 3 succesvolle dekkingen hebben tussen de leeftijd van 20 maanden en 96 maanden.
b. De periode tussen 2 werpdata dient minimaal 12 maanden te bedragen.
c. Een teef mag gedurende een en dezelfde loopsheid slechts door één reu effectief gedekt worden.
d. Het laatste nest van een teef dient verwekt te zijn voor de leeftijd van 96 maanden.
Voor het fokken met teven vanaf 84 maanden en ouder kan door de fokadviseurs een schriftelijke dierenartsverklaring verlangd worden, aangaande de conditie van de teef en of zij in staat geacht kan worden zonder problemen een nest groot te brengen.
d. De teef mag bij de dekking voor het eerste nest niet ouder zijn dan 72 maanden. De geboorte dient een natuurlijk verloop te hebben. Indien de geboorte van het nest voor de tweede maal operatief, door middel van een keizersnede (sectio caesarea), heeft plaatsgevonden mag de teef niet verder meer voor de fokkerij worden gebruikt.
e. De dekking dient een natuurlijk verloop te hebben.
Kunstmatige inseminatie wordt niet toegestaan indien het de eerste dekking van de reu en/of de teef betreft en wordt voorts slechts toegestaan na verkregen toestemming op basis van een gemotiveerd verzoek. Dit verzoek dient minimaal één maand vóór de voorgenomen dekking te worden ingediend.
6. Reuen :
a. Een reu mag in België maximaal 2 nesten per kalenderjaar voortbrengen met een totaal maximum van 3 nesten gedurende zijn leven.
b. Een reu is slechts inzetbaar vanaf de leeftijd van 20 maanden.
c. Deze regels gelden zowel voor Belgische als buitenlandse reuen die in België worden ingezet.
d. Het inzetten van een dekreu in een vereniging buiten de E.C.B. is slechts toegelaten mits schriftelijke goedkeuring van beide verenigingen.
C. PUPS :
1. Adviesprijs :
a. De adviesprijs voor een pup is vastgesteld op 750.00 € voor een huishond.
b. De adviesprijs voor een dekking bedraagt : 75.00 € + 75.00 € per levende pup.
Dit dekgeld is te betalen ten laatste bij afgave van de pups.
2. Aflevering :
a. De pups dienen minimaal de leeftijd van 8 weken te hebben voordat zij mogen overgedragen worden aan de nieuwe eigenaars.
b. Bij aflevering dienen de pups in goede gezondheid te verkeren.
c. De fokker zal zorg dragen voor een deugdelijke ontworming en inenting van de pups, volgens gangbare veterinaire inzichten, en voor een volledig door de dierenarts ingevuld EU-vaccinatieboekje.
d. De fokker is verplicht de pups op te laten groeien in huiselijke kring.
e. De fokker is verplicht de pups zo goed mogelijk te socialiseren.
f. De pups dienen getatoeëerd/gechipt te zijn, op een wijze erkend door de KMSH.
g. Alle in België geboren pups dienen geregistreerd te zijn bij het BVIRH.
h. De fokker is verplicht de toekomstige eigenaar, deugdelijk voor te lichten over de opvoeding van en de omgang met een Eurasier.
i. De Fokker is verplicht de toekomstige eigenaar er op te wijzen dat:
De Eurasier verenigingen aangesloten bij de IFEZ (Internationale Federatie voor Eurasier Fok ) zich afzetten tegen het houden van Eurasiers in kleine ruimten en kennels.
Dat wij een Bench principieel zien als een NIET geëigend middel om een Eurasier in huis op te sluiten of op te voeden. Door het gebruik van een Bench laten opvoedingsproblemen noch relatieproblemen zich oplossen.
3. Pupbemiddeling :
a. Om in aanmerking te komen voor pupbemiddeling dient de fokker een schriftelijke foktoestemming verkregen te hebben van de E.C.B.
D. AANKEURINGEN :
a. De fokker van een nest Eurasier pups zal een bedrag van 100.00 € per levende pup storten op rekening van de E.C.B.
b. Dit bedrag zal betaald worden door de koper van de pup, boven op de prijs van de pup.
c. Honden die na datum van dit fokreglement geboren zijn en medisch aangekeurd worden krijgen na overlegging van deze resultaten aan de E.C.B., een bedrag van
60.00 € retour gestort van de E.C.B. (voor de HD resultaten)
15.00 € retour gestort van de E.C.B. (voor de PL resultaten)
25.00 € retour gestort van de E.C.B. (voor de resultaten van het oogonderzoek)
d. De niet geretourneerde bedragen vervallen aan de E.C.B. als de hond op de leeftijd van 3 jaar niet aan de voorwaarden uit punt D.c. voldoet.
e. De bedragen vermeld onder punt D.c. vervallen eveneens aan de E.C.B. als zij deze onderzoeken organiseert en bekostigt.
f. Deze vervallen bedragen dienen door de E.C.B. besteed te worden aan het verzamelen van honden- data.
E. DE FOKKERS / EIGENAARS :
a. Indien wordt gesproken over de fokker of de eigenaar van de hond, gelden de regels eveneens voor alle huisgenoten van de fokker of van de eigenaar van de hond.
1. Fokkers :
a. Een fokker mag niet meer dan twee nestjes per kalenderjaar fokken.
b. Gedurende de acht weken dat een nest bij de fokker verblijft, mag er maximaal één nest in huis aanwezig zijn.
c. Leden van de E.C.B. dienen te fokken conform de regels van de E.C.B., waarbij zeer veel aandacht wordt geschonken aan de gezondheid en het karakter van de hond.
d. Het is niet toegestaan te fokken volgens de regels van andere verenigingen of buiten de E.C.B. om.
Dit geldt voor eigenaren van zowel teven als reuen.
e. De fokker is verplicht ziekten of afwijkingen (zowel erfelijk als aangeboren als later ontstaan) van fokdier en nakomelingen voor zover bij hem bekend, te melden aan de rasvereniging.
f. Leden van de E.C.B. dienen elke dekking, ook als deze negatief is, binnen de 7 dagen met behulp van het Dekformulier te melden aan de E.C.B.
g. Leden van de E.C.B. dienen als zij fokken, het geboorteformulier binnen 7 dagen na de geboorte van de pups ingevuld en ondertekend naar de E.C.B. op te sturen.
h. Het is niet toegestaan zonder schriftelijke toestemming van de E.C.B. de pups buiten de E.C.B. af te staan, met uitzondering van 1 pup die zonder toestemming kan worden afgestaan.
i. De fokker is verplicht om een bedrag van € 15.00 per levend geboren pup te betalen aan de E.C.B. voor geleverde diensten.
F. FOKCOMMISSIE :
1. Foktoestemming :
a. Leden die wensen te fokken met hun teef dienen 2 à 3 maanden voor de dekking foktoestemming aan te vragen bij de fokadviseurs van de E.C.B. door middel van een ingevuld en ondertekend formulier, aan te vragen bij de fokcommissie.
b. Indien men voldoet aan de fokregels van de E.C.B. kan men hulp krijgen bij het zoeken naar passende dekreuen.
c. Men kan zelf een voorstel doen voor een combinatie of er kan overleg gepleegd worden met de fokadviseurs over passende dekreuen.
d. Een afgegeven foktoestemming van de E.C.B. is geldig voor een periode van 6 maanden na de dagtekening. Daarna moet opnieuw een foktoestemming worden aangevraagd.
e. Een ieder die zijn reu ter beschikking stelt om te dekken, is verplicht om bij de fokadviseurs na te gaan of voor de betreffende teef een foktoestemming is afgegeven, en of deze nog geldig is.
f. De fokadviseurs kunnen, behalve op grond van het niet voldoen aan de fokregels, ook op grond van de nakomelingen geen foktoestemming geven voor een combinatie, ondanks dat deze verder aan alle richtlijnen voldoet.
2. Taak :
a. De leden moeten onafhankelijk kunnen werken.
b. Zij controleert de uitvoering van het fokreglement.
c. Zij behandelt gevallen die niet of niet duidelijk in het fokreglement omschreven zijn.
d. De fokcommissie kan, bij uitzondering, voor de eerdergenoemde regels dispensatie verlenen, indien het ras hierdoor niet wordt geschaad.
e. Zij adviseert het bestuur bij de oplegging van sancties aan de leden, de fokdieren of de kennel.
G. IFEZ – CERTIFICATEN :
Indien de fokker aan alle verplichtingen van dit fokreglement voldoet, krijgen de pups het IFEZ–Certificaat.
H. NESTBEZOEKEN :
a. Het nestbezoek kan slechts uitgevoerd worden door, door de E.C.B. erkende, commissieleden.
b. Eigen nesten, dienen door andere commissieleden te worden gecontroleerd.
c. De fokker is verplicht het formulier betreffende het nestbezoek volledig in te (laten) vullen en te retourneren aan de fokcommissie binnen de 7 dagen na overdracht van het nest aan de kopers.
d. De fokker dient dit formulier ook volledig ingevuld te kopiëren, en bij overdracht mee te geven aan de pupeigenaren.
e. Tevens is de fokker verplicht om eventueel door de dierenarts vastgestelde afwijkingen/fouten aan de koper mee te delen.
f. De fokker/eigenaar is verplicht om het stamboomnummer door te geven aan de E.C.B., zo snel mogelijk na ontvangst van de stamboom.
1. Samenstelling Nestbezoekcommissie:
a. De commissie bestaat uit een aantal leden, waarin zowel fokkers als niet fokkers vertegenwoordigd zijn.
b. Het nestbezoek dient te gebeuren door een afvaardiging van deze commissie.
2. Taak :
a. Een nest wordt gecontroleerd op de leeftijd van 6 à 7 weken.
b. Zij bekijken of de pups in huiselijke omstandigheden kunnen opgroeien en socialiseren.
c. Zij zien er op toe dat ook de teef goed verzorgd wordt.
d. Deze gegevens worden genoteerd op een invulformulier en de E.C.B. ter hand gesteld.
e. Zij nemen foto’s van de individuele pups.
I. AANSPRAKELIJKHEID :
a. De verantwoordelijkheid voor het fokken en afleveren van pups ligt bij de fokker. De rasvereniging
E.C.B. aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid ten aanzien van eventuele gebreken bij de pup, betrokken van een fokker. Ook als deze zich houdt aan het bepaalde in dit fokreglement.
J. KOOPOVEREENKOMST :
a. Het is aan te bevelen om de verkoop van de pups schriftelijk vast te leggen door middel van een door de rasvereniging of KMSH vastgestelde koopovereenkomst.
K. WIJZIGINGEN :
a. Wijzigingen aan dit fokreglementen dienen te gebeuren zoals omschreven in het huishoudelijk reglement Art 13.1
b. Deze wijzigingen mogen echter nooit in strijd zijn met de reglementen van de KMSH, en dienen door deze nadien ook te worden aanvaard.
L. SANCTIES :
a. Leden die handelen in strijd met de fokregels krijgen geen foktoestemming.
Dit geldt voor eigenaren van zowel teven als reuen.
b. Zij kunnen door het bestuur van de E.C.B. niet als fokker worden erkend.
c. Tevens kan het bestuur van de E.C.B. overgaan tot ontzetting uit het lidmaatschap, zoals geregeld in de statuten en eventueel het huishoudelijk reglement.
Aldus vastgesteld in de algemene ledenvergadering van de E.C.B. op 20 maart 2005 te Herselt namens deze,
Miek Scheepers Carl Smeyers
Voorzitter Secretaris
REGLEMENT D’ELEVAGE EURASIER CLUB BELGE (E.C.B.)
A. BUT
Ce règlement d’élevage a pour but le maintien, la surveillance et la promotion de la santé, le caractère et le bien-être ainsi que des caractéristiques raciales typiques de la race Eurasier (Standard FCI N° 291)
B. ANIMAUX D’ELEVAGE
1. Généralités
a. Les animaux d’élevage doivent être en possession d’un pedigree reconnu par le F.C.I.
b. Les deux reproducteurs doivent être en bonne santé, tant physiquement que mentalement.
c. Une combinaison où les ascendants communs de la portée prévue sont éloignés de moins de quatre générations est interdite.
d. La combinaison de la même femelle et du même mâle n’est autorisée qu’une fois.
e. L’âge minimum est déterminé par un examen médical qui doit avoir lieu après 18 mois.
f. Les chiens souffrant de tares génétiques héréditaires ne recevront pas d’autorisation de reproduction
g. Ne peuvent également servir de reproducteurs les chiens souffrant de graves défauts dentaires, queue cassée ou raccourcie, forte dépigmentation, épilepsie, défauts de la thyroïde, défauts du pancréas, cryptochordie ou monochordie.
h. Sur base de renseignements reçus ultérieurement un chien peut être retiré de la reproduction.
2. Aspect
a. Les deux reproducteurs doivent répondre aux caractéristiques prévues dans le standard de la race.
b. Ils doivent avoir obtenu, lors d’une exposition réglementée par l’U.R.C.H.ou par le F.C.I., au moins deux fois la qualification TRES BON. Cette qualification doit avoir été faite par deux juges différents reconnus par l’U.R.C.H.S. et / ou le F.C.I. dans la catégorie Eurasier.
c. Et avoir obtenu au moins la qualification TRES BON lors d’une épreuve de certification organisée par le C.E.B.
d. L’approbation peut toujours être retirée si après cette certification des fautes apparaissent ou sont découvertes. Le propriétaire doit les signaler le plus rapidement possible.
3. Médical
a. Dysplasie coxo-fémorale (H.D)
1. Les deux reproducteurs doivent avant la saillie être examinés pour la prévention de la dysplasie coxo-fémorale.
Cet examen doit exclusivement être effectué lorsque le chien a au minimum atteint l’âge de 18 mois. La lecture doit être effectuée par une instance reconnue par l’U.R.C.S.H. ou le F.C.I
2. Entre chiens ayant obtenu un résultat F.C.I. HD A et HD B, toutes les combinaisons de reproducteurs peuvent être utilisées pour l’accouplement.
3. Les chiens ayant obtenu un résultat F.C.I. HD C., HD D ou H DE ne peuvent pas être utilisés pour la reproduction.
4. En cas d’utilisation de mâles enregistrés à l’étranger les règles ci-dessus sont d’application. Pour les pays où il n’existe pas de commission officielle, le propriétaire doit présenter les radiographies avec le protocole, avec la possibilité d’obtenir une « seconde opinion ».
b. Patella Luxation (P.L)
1. Les deux reproducteurs doivent avant la saillie être examinés pour la prévention de la Patella Luxation. Cet examen doit être exclusivement effectué lorsque le chien a atteint au minimum l’âge de 18 mois.
2. Les chiens atteints de Patella Luxation, même s’ils ont été opérés par le passé, ne peuvent être utilisés pour l’élevage.
3. En cas d’utilisation de mâles enregistrés à l’étranger les règles ci-dessus sont d’application.
c. Examen des yeux
1. Les deux reproducteurs doivent être examinés pour la prévention des tares héréditaires. Cet examen doit être exclusivement effectué lorsque le chien a atteint au minimum l’âge de 18 mois.
2. L’examen complet des yeux doit être effectué par un vétérinaire ophtalmologue.
3. Entre chiens exempts de défauts oculaires toutes les combinaisons de reproducteurs peuvent être formées.
4. Les chiens souffrant d’une légère forme de distichiase peuvent être exclusivement accouplés avec des chiens exempts de cette tare.
5. Les chiens souffrant d’autres tares oculaires sont exclus de la reproduction.
6. En cas d’utilisation de mâles enregistrés à l’étranger les règles ci-dessus sont d’application.
4. Comportement
a. Les deux géniteurs doivent répondre aux exigences de caractère et du comportement comme prévu dans le standard de la race.
b. Les animaux souffrant d’agressivité, qui ont peur ou sont nerveux sont exclus de la reproduction
5. Femelles
a. Une femelle peut avoir maximum 3 portées fructueuses entre l’âge de 20 mois et 96 mois.
b. La durée minimale entre 2 naissances doit être de 12 mois.
c. Pendant une même période de chaleur, une femelle ne peut être saillie que par un seul mâle.
d. La dernière portée d’une femelle doit avoir débuté avant l’age de 96 mois.
Pour faire une portée avec des femelles à partir de 84 mois le conseiller d’élevage peut exiger une attestation écrite du vétérinaire relative à la santé de la femelle et si elle est apte à mener à bien sa portée et à l’élever.
e. La femelle ne peut avoir lors de la première portée plus de 72 mois. Les naissances doivent avoir un déroulement naturel. Si la naissance de la portée a lieu pour la seconde fois chirurgicalement par césarienne (sectio caesarea) la femelle ne pourra plus servir pour la reproduction.
f. La saillie doit avoir lieu naturellement.
L’insémination artificielle n’est pas autorisée s’il s’agit de la première saillie du mâle et ou de la femelle. De plus elle ne sera autorisée qu’après accord reçu suite à une demande motivée. Cette demande doit être introduite au moins un mois avant la saillie prévue.
6. Mâles
a. Un mâle ne peut en Belgique engendrer qu’un maximum de 2 portées par année calendrier avec un maximum de 3 portées durant sa vie.
b. Un mâle ne peut être utilisé qu’à partir de 20 mois.
c. Ces règles sont d’application tant pour les mâles belges qu’étrangers utilisés en Belgique.
d. L’utilisation d’un étalon dans une association en dehors de l’E.C.B. n’est autorisée qu’avec l’accord écrit des deux associations.
C. CHIOTS
1. Prix conseillé
a. Le prix conseillé pour un chiot est fixé à 750,00 € pour un chien de compagnie.
b. Le prix conseillé pour une saillie est de 75,00 € + 75,00 € par chiot vivant.
Ce montant est à payer au plus tard lors de la remise des chiots aux nouveaux propriétaires.
2. Remise
a. Les chiots doivent avoir au minimum 8 semaines avant de pouvoir être remis à leurs nouveaux propriétaires.
b. Lors de la remise, les chiots doivent être en bonne santé.
c. L’éleveur doit vermifuger valablement les chiots et les faire vacciner.
Il doit également fournir un carnet de vaccination européen dûment complété par un vétérinaire.
d. L’éleveur est tenu d’élever les chiots dans un cadre familial.
e. L’éleveur est tenu de sociabiliser au mieux les chiots.
f. Les chiots doivent être tatoués ou pucés (chips électronique) d’une manière reconnue par l’U.R.C.S.H.
g. Tous les chiots nés en Belgique doivent être enregistrés auprès de l’A.B.I.E.C.
h. L’éleveur est tenu de renseigner au mieux le futur propriétaire sur l’éducation et les relations avec un Eurasier.
i. L’éleveur est tenu d’informer le futur propriétaire que :
Les associations d’eurasiers affiliées auprès de l’I.F.E.E. (Fédération internationale pour l’élevage d’Eurasier) s’opposent à la vie de l’Eurasier dans des chenils, ou dans des petites pièces dans la maison.
Nous ne considérons pas la cage comme un moyen adéquat pour enfermer un chien et l’éduquer. En utilisant une cage on ne résout ni les problèmes ni les relations de confiance qui doivent unir le chien à sa famille.
3. Placement des chiots
a. Pour profiter d’une aide au placement des chiots, l’éleveur doit avoir reçu une autorisation d’élevage écrite du E.C.B.
D. CERTIFICATIONS
a. L’éleveur d’une portée de chiots Eurasiers versera par chiot vivant une somme de 100,00 € sur le compte de l’E.C.B.
b. Ce montant sera payé par l’acheteur du chiot, en plus du prix du chiot.
c. Les chiens nés après la date de ce règlement d’élevage et qui auront été agréés médicalement seront remboursés par l’E.C.B. d’un montant de :
- 60,00 € pour les résultats H.D.
- 15,00 € pour les résultats PL
- 25,00 € pour les résultats de l’examen oculaire.
d. Les montants non remboursés iront à l’E.C.B. si après l’âge de 3 ans le chien ne répond pas aux exigences prévues au point D.c.
e. Les montants mentionnés au point D.c iront également à l’E.C.B. si celle-ci effectue et paie ces examens.
f. Ces montants non remboursés doivent être utilisés pour rassembler les données des chiens.
E. ELEVEURS, PROPRIETAIRES
a. Les règles qui sont d’application aux éleveurs ou aux propriétaires du chien, sont également applicables à la famille de ceux-ci.
1. Eleveurs
a. Un éleveur ne peut pas élever plus de 2 portées par année calendrier.
b. Pendant les 8 semaines où la portée reste chez l’éleveur, une seule portée est autorisée dans la maison.
c. Les membres de l’E.C.B. doivent élever selon les règles de l’E.C.B., beaucoup d’attention sera accordée à la santé et au caractère du chien.
d. Il n’est pas autorisé d’élever suivant les règles d’autres associations ou en dehors de l’E.C.B.
Ceci vaut pour les propriétaires de femelles et de mâles.
e. L’éleveur est tenu d’informer l’association de race des maladies et tares ( héréditaires ou non ou apparues plus tard) du reproducteur et de ses descendants, pour autant qu’il en ait connaissance.
f. Les membres de l’E.C.B. doivent signaler chaque saillie, même si elle est négative, endéans les 7 jours à l’E.C.B.à l’aide du certificat de saillie.
g. Les membres de l’E.C.B. doivent s’ils élèvent, renvoyer le certificat de naissance complété et signé endéans les 7 jours après la naissance des chiots.
h. Il n’est pas autorisé de céder sans l’accord écrit de l’E.C.B. des chiots hors de l’E.C.B.à l’exception d’un chiot qui peut être cédé sans autorisation.
i. L’éleveur est obligé de verser un montant de 15,00 € par chiot vivant à l’E.C.B. pour services rendus.
F. COMMISSION D’ELEVAGE
1. Autorisation d’élevage
a. Les membres qui désirent faire de l’élevage avec leur femelle doivent, 2 à 3 mois avant la saillie, demander auprès du conseiller d’élevage de l’E.C.B. une autorisation d’élevage au moyen d’un formulaire complété et signé demandé auprès de la commission d’élevage.
b. Lorsqu’on répond aux règles d’élevage de l’E.C.B. on peut obtenir de l’aide pour trouver un étalon adéquat.
c. On peut aussi proposer une combinaison ou avoir une discussion avec le conseiller d’élevage pour trouver l’étalon adéquat.
d. Une autorisation d’élevage délivrée par l’E.C.B. est valable pour une période de 6 mois après la date de la signature. Ensuite une nouvelle autorisation d’élevage devra être demandée
e. Celui qui met un mâle à la disposition pour une saillie est tenu de s’informer auprès du conseiller d’élevage si la femelle concernée possède une autorisation d’élevage et si celle-ci est toujours valable.
f. Les conseillers d’élevages peuvent, non seulement sur base du non-respect des règles d’élevage, mais également sur base des descendants ne pas donner d’autorisation pour la combinaison même si celle-ci répond à toutes les autres exigences.
2. Tâche
a. Les membres doivent pouvoir travailler indépendamment.
b. Elle contrôle l’application du règlement d’élevage.
c. Elle traite les cas qui ne sont pas prévus ou ambigus dans le règlement d’élevage.
d. La commission peut, exceptionnellement, accorder une dispense aux règles citées ci-avant si cela ne nuit pas à la race.
e. Elle informe le comité des sanctions données aux membres, aux reproducteurs ou au chenil.
G. CERTIFICATS I.F.E.Z.
Si l’éleveur répond à toutes les obligations de ce règlement d’élevage, les chiots recevront le certificat IFEZ.
H. CONTROLE DES PORTEES
a. Le contrôle de la portée ne peut être effectué que par des membres de la commission reconnus par l’E.C.B.
b. Leurs propres portées doivent être contrôlées par d’autres membres de la commission.
c. L’éleveur est tenu de faire compléter le formulaire et de le renvoyer à la commission d’élevage endéans les 7 jours après la remise de la portée aux acheteurs.
d. L’éleveur doit photocopier ce formulaire complété afin d’en remettre un exemplaire aux propriétaires des chiots.
e. L’éleveur est également tenu d’informer l’acheteur des tares ou défauts éventuellement constatés par le vétérinaire.
f. L’éleveur / propriétaire est tenu de communiquer le n° du pedigree au E.C.B. le plus rapidement possible après la réception du pedigree.
1. Composition de la commission de contrôle des nichées
a. La commission se compose d’un certain nombre de membres, où éleveurs et non-éleveurs seront représentés.
b. La visite de la portée se fera par une délégation de cette commission.
2. Tâche
a. Une portée est contrôlée à l’âge de 6 à 7 semaines.
b. Ils vérifient si les chiots peuvent grandir et se sociabiliser dans un environnement familial.
c. Ils vérifient également si la femelle est bien soignée.
d. Ces données sont notées sur un formulaire remis à l’E.C.B.
e. Ils prennent des photos de chaque chiot.
I. RESPONSABILITES
a. La responsabilité pour l’élevage et la remise des chiots incombe à l’éleveur.
L’association de race E.C.B. décline toute responsabilité quant aux défauts éventuels des chiots reçus d’un éleveur. Même ci celui-ci respecte le règlement d’élevage.
J. CONVENTION D’ACHAT
a. Il est conseillé de confirmer par écrit la vente des chiots au moyen d’une convention d’achat établie par l’association de race ou l’U.R.C.S.H.
K. MODIFICATIONS
a. Les modifications au règlement d’élevage doivent se faire conformément à l’Art.13.1 du règlement intérieur.
b. Ces modifications ne peuvent être en contradiction avec les règlements de l’U.R.C.S.H. et doivent être approuvées ultérieurement par celle-ci.
L. SANCTIONS
a. Les membres en conflit avec ces règles d’élevage ne reçoivent pas d’autorisation d’élevage.
Ceci est valable tant pour les propriétaires de femelles que de mâles.
b. Ils ne peuvent être reconnus par le comité de l’E.C.B. comme éleveur.
c. Le comité de l’E.C.B. peut procéder à l’exclusion du membre comme prévu dans les statuts et éventuellement dans le règlement intérieur.
Ainsi décidé au cours de l’assemblée générale des membres de l’E.C.B. le 20 mars 2005 à Herselt.
Pour ordre :
Miek Scheepers Carl Smeyers
Présidente Secrétaire
